Het abc van de ambtenaar telt heel wat afkortingen. Meestal volstaan enkele kenletters om de verschillende overheidsdiensten te benoemen. Voor niet-ingewijden zetten we de belangrijkste hieronder op een rijtje.

FOD: Federale overheidsdienst

Zeg niet ministerie, maar zeg FOD. Sinds het Copernicusplan van 2000 kregen de toenmalige ministeries een nieuwe structuur, een nieuwe aanpak en dus ook een nieuwe naam. Voluit gaat het om Federale Overheidsdienst, maar de afkorting FOD wordt vaker gebruikt. Vandaag zijn er dertien FOD's, die zich allemaal toeleggen op het uitvoeren van het federale overheidsbeleid. Alleen het ministerie van defensie blijft nog over, maar er zijn plannen om ook daar een FOD van te maken.

Voorbeelden: FOD Binnenlandse Zaken, FOD Justitie

POD: programmatorische overheidsdienst

Een programmatorische federale overheidsdienst, kortweg POD, bundelt diensten die anders verspreid zouden zitten over verschillende FOD's. Vaak gaat het om diensten gelinkt aan maatschappelijke vraagstukken, zoals duurzame ontwikkeling. Het aantal POD's varieert, vandaag zijn er nog drie actief.

Voorbeelden: POD Wetenschapsbeleid, POD Duurzame Ontwikkeling

ION: instelling van openbaar nut

Ion staat voor Instelling van Openbaar nut, een verzamelnaam voor 4 types van instellingen die allemaal een maatschappelijk doel voor ogen houden. Deze ION's hangen van een of meer FOD's, maar beschikken toch over een zekere autonomie.

Voorbeelden: Regie der Gebouwen, Federaal Planbureau

OISZ: openbare instelling van sociale zekerheid

Zoals de naam al duidelijk maakt, legt een Openbare instelling van Sociale Zekerheid (OISZ) zich toe op een specifieke taak binnen de sociale zekerheid. Ook een OISZ hangt af van een of meer FOD'S.

Voorbeelden: RVA, RIZIV.

Zijn er nog termen uit de ambtenarenwereld die chinees lijken voor jou, en nog niet behandeld zijn in deze rubriek? Laat het ons weten via communication@selor.be .